Door op 25 juli 2017

Roosendaal Drugsbeleid: C’est fini?

De groenste gemeente, de gelukkigste gemeente, de gezondste gemeente. Er bestaan vele lijstjes waar Roosendaal op terug te vinden is. De ene keer positief en afgelopen week helaas wat minder positief.

Uit de Veiligheidsmonitor van het CBS zei één op de acht inwoners van Roosendaal in 2016 veel overlast te ervaren van drugsgebruik of drugshandel in de buurt. In Roosendaal gaf 13 procent van de inwoners van 15 jaar en ouder aan in 2016 veel overlast te hebben ervaren van drugsgebruik of drugshandel in de buurt. Hiermee staat Roosendaal in dit lijstje op nummer één.

In het Actieplan Integrale Veiligheid 2017 heeft de gemeente als doelstelling opgenomen om samen met de ketenpartners:

  1. Het veiligheidsgevoel in de woon- en leefomgeving structureel te verbeteren;
  2. De drugsoverlast te verminderen.

Om te weten wat er speelt is er door de gemeente gemeten. Door middel van een scan is systeemkennis (afkomstig van de politie en andere organisaties) gekoppeld aan straatkennis. Dit heeft locaties in beeld gebracht. Op basis hiervan is de Drugsmonitor Roosendaal opgesteld en heeft de gemeente inzicht gekregen in datgene waarop we onze focus moeten richten.

Op basis van de Drugsmonitor Roosendaal is dit jaar gestart met een drugssquad, een vliegende brigade, die is gericht op de aanpak van overlast als gevolg van “drugshandel op straat”, van verkooppunten van drugs in woningen en lokalen en de productie van hard- en softdrugs.

Daarnaast heeft het politiedistrict De Markiezaten vanaf 1 januari 2017 de beschikking over het zogeheten Flexteam. Dit team is ingebed in de districtelijke politieorganisatie, en is een voorzetting van het Districtelijke Interventie Team, wat op zich weer een voortzetting was van het politieteam Courage.

Ook de fysieke infrastructuur wordt bekeken en waar nodig aangepast. Het gaat dan bijvoorbeeld over het aanpassen van de openbare verlichting, het afsluiten van doorgangen (vluchtroutes voor overlastplegers) en het verwijderen van uitzichtbelemmerende beplanting.

Daarnaast is het zaak te blijven investeren in de meldingsbereidheid van bewoners. Een goede meldingsbereidheid is een voorwaarde om zicht te hebben en te houden in/op de lokale drugsproblematiek. Op gezette tijden wordt een oproep gedaan in de daartoe geschikte mediakanalen om te (blijven) melden. Naast de repressieve aanpak is er ook sprake van preventie. Preventie zal enerzijds gericht zijn op de gezondheidsaspecten, welk onderdeel wordt meegenomen bij de totstandkoming van het Uitvoeringsprogramma lokaal gezondheidsbeleid. Anderzijds is preventie gericht op het voorkomen dat mensen starten met bijvoorbeeld het illegaal kweken van hennep.

Vragen aan het college van B&W:

  1. In hoeverre komt deze Drugsmonitor Roosendaal overeen met de Veiligheidsmonitor van het CBS?
  2. In de Drugsmonitor (onder hoofdstuk 6) zijn een aantal aanbevelingen opgenomen. Zijn deze overgenomen?
  3. Noopt de Veiligheidsmonitor van het CBS tot een koerswijziging van uw beleid als het gaat om toezicht en handhaving?
  4. Geeft de Veiligheidsmonitor van het CBS u aanleiding om hierover in gesprek te gaan met het Openbaar Ministerie en politie om het Roosendaals beleid te herijken?
  5. Op welke wijze is werk gemaakt van bovengenoemde punten uit het Actieplan (o.a. investeren in de meldingsbereidheid)?

Novadic-Kentron pleit in BndeStem voor een onafhankelijk onderzoek naar de straathandel in drugs.

  1. Gaat u dit onderzoek laten doen?

De publicatie van de Veiligheidsmonitor van het CBS zorgde voor veel media-aandacht. In de media schetst uw college het beeld dat we een grensgemeente zijn en dat daarom de drugsoverlast hoog is. Met het sluiten van de coffeeshops zijn juist de drugstoeristen haast niet meer aanwezig in Roosendaal.

  1. Kunt u nader toelichten wat het verband is tussen de drugsoverlast en het feit dat Roosendaal een grensgemeente is?
  2. Is er dan nu nog sprake van een gezamenlijke aanpak van de grensgemeenten, zoals met Bergen op Zoom en de gemeenten in België?

De media-aandacht zorgde ook voor veel reacties onder onze inwoners. Hieruit is in ieder geval op te maken dat ook onvoldoende bekend is wat de inzet van onze gemeente is om de drugsoverlast aan te pakken.

  1. Gaat u de informatie, communicatie en voorlichting naar onze inwoners verbeteren? Zo ja, hoe dan?

Bij het einde van het gedoogbeleid in Roosendaal, middels de sluiting van de coffeeshops in 2009, heeft de gemeente aangegeven er alles aan te doen aan om mogelijke verplaatsing van de drugsoverlast tegen te gaan, alsmede de illegale handel. Handhaving krijgt hierin alle prioriteit. De gemeente gaf aan, het is afgelopen, c’est fini!

De gemeente verliest het wenkend perspectief- waarbij wordt gestart met een onderzoek naar de voor- en nadelen van een coffeeshop op niet-commerciële basis voor de lokale markt, zoals verwoord in de Nota Cannabisbeleid 2009 – niet uit het oog als mogelijkheid in Roosendaal, aldus de gemeente in 2009.  De PvdA fractie onderschrijft deze gedachte en zet hier al jaren op in. Tot op heden wordt dit niet tot uitvoering gebracht door het huidige college.

  1. Waarom heeft u afstand genomen van dit wenkend perspectief?
  2. Overweegt u om alsnog de uitgangspunten uit 2009 te onderschrijven en op te pakken?

De ogenschijnlijk zeer succesvolle preventieteams kunnen in de aanpak van de drugsoverlast ook een rol spelen. Weliswaar moet je die niet belasten met de aanpak van drugsoverlast maar ze kunnen wel belangrijke signaalgevers zijn.

12. Zijn daar afspraken over gemaakt? Wat zien de buurtpreventieteams bij hun dagelijkse rondgangen? Geven ze signalen door en zo ja wat gebeurt daar mee?

De PvdA blijft dit dossier nauwgezet volgen. Overlast in wijken en dorpen is onacceptabel. Al jaren pleiten we voor een verstandiger beleid.