Door op 23 augustus 2016

1150 Roosendaalse kinderen in de bijstand, dat moet anders!

Het CBS bericht vandaag dat het aantal kinderen in bijstandsgezinnen toeneemt. In 2015 woonden er in Nederland meer kinderen in bijstandsgezinnen dan een jaar eerder: 226 duizend tegen 223 duizend.

Dat is een stijging van 1,3 procent. Deze ontwikkeling is vooral toe te schrijven aan de toename van het aantal kinderen van statushouders.

In Roosendaal groeit ruim 8% van de kinderen op in bijstandsgezinnen. Voor 1150 Roosendaalse kinderen is sporten, muziekles of een dagje uit geen uitgemaakte zaak. Voor 1150 Roosendaalse kinderen is leven in de bijstand een gegeven.

Al jaren pleiten we ervoor om ons gemeentelijk armoedebeleid zo in te richten dat alle kinderen in Roosendaal mee kunnen doen. De inzet gaat onder meer via de Stichting Paul, Stichting Leergeld, en andere particuliere initiatieven via onder meer de landelijk verkregen Klijnsma-middelen.

Ook hebben we onlangs bij de behandeling van de Kadernota 2017, een motie aangenomen om naast het vangnet wat het armoedebeleid biedt, ook een duurzame uitweg moet bieden om uit de armoede, uit de bijstand, en uit de schulden te komen. Dit zal het college van B&W uitwerken en voor 1 december a.s. aan de gemeenteraad aanbieden, waarin wordt aangegeven welke plannen zij hebben om de vicieuze cirkel van armoede van generatie op generatie te doorbreken. Hiermee hopen we een afname te gaan zien van de 1150 kinderen in de bijstand.

We maken ons wel zorgen om de groep statushouders en migranten in onze gemeente. Een gevarieerde groep van alleenstaanden tot gezinnen. De participatie en integratie van deze groep Roosendaalse inwoners in de samenleving achten wij van groot belang. Net als alle inwoners wordt van hen verwacht dat zij naar vermogen volwaardig maatschappelijk participeren en regie voeren over hun eigen leven. Alleen daar waar dit echt niet mogelijk is, fungeert de overheid als vangnet.

Migranten worstelen vaak met isolement, een beperkt taalniveau en onbekendheid met de Nederlandse arbeidsmarkt. Vaak is er sprake van een combinatie van factoren. Om de integratie van statushouders en migranten optimaal te laten verlopen is een samenhangende aanpak nodig op het gebied van wonen, welzijn, onderwijs, arbeid en participatie. Als gemeente moet je daarbij gebruik maken van je maatschappelijke partners als het bedrijfsleven, onderwijsinstellingen, Vluchtelingenwerk, AlleeWonen en uiteraard ook het eigen Werkplein.

In het landelijk bestuursakkoord is afgesproken om een extra impuls aan de integratie van statushouders te geven. Dit gebeurt door de uitbreiding van de maatschappelijke begeleiding en de inzet van een nieuw instrument: het “participatieverklaringstraject”.

Gemeenten wordt gevraagd om voor 1 september 2016 een Plan van Aanpak/Brief (hierna plan) over het participatieverklaringstraject in te dienen bij het COA. Met het indienen van het plan voldoen gemeenten aan de voorwaarde om in aanmerking te komen voor € 1.370 per gehuisveste statushouder vanaf 1 januari 2016. Het plan dient ondertekend te worden door een lid van het college van B&W.

Wij hebben daarom samen met GroenLinks aan het college van B&W gevraagd om aan te geven wat de aanpak is om de participatie en integratie van statushouders en migranten in onze gemeente optimaal te laten verlopen en daarnaast op welke wijze Roosendaal inzet op het participatieverklaringstraject.